Mailinglijst

Nog 76 spijltjes te gaan

Het is zo’n dag dat je denkt dat het eindelijk lente is. Ik gooi alle deuren en ramen open en galoppeer naar buiten. Als een dartel lammetje, als een briesende stier. Het kriebelt en borrelt. Ik moet iets doen. Iets lenteachtigs.

Spijltes op mijn balkon

Ik spring rond in wat vorig jaar het bloemenweitje was. Ik verzamel dode bloemstelen en gooi die op een grote hoop. Ik sop een groen geworden tuinbankje. Ga dan naar binnen. Ik loop met een bocht om mijn kantoor heen. Hoezo een artikel schrijven? Hoezo bonnetjes tellen en de boekhouding van 2006 afronden? Eindelijk schijnt de zon, eindelijk lijkt het lente te zijn. Na wat ongedurige omzwervingen door het huis beland ik op het balkon. O, maar dit is erg. Hier moet echt iets aan gedaan worden. In de pot waarin de Afrikaanse lelie (Agapanthus) staat (vergeten binnen te zetten!), is het een zooitje. Gras overwoekert de plant. En dat niet alleen. Rondom de pot is een compleet grasveld ontstaan. Grind zie ik nog nauwelijks. En dat hekwerk! Verschrikkelijk. Vorig jaar nog zo mooi helder wit. Nu helemaal groen. En plassen water op het grind, vermengd met modder. Voortvarend verzamel ik emmers, borstels, hark en bezem. Ik klem de telefoon aan mijn broekband (want ik ben natuurlijk wel aan het werk en dus bereikbaar…) en ga aan de slag. Ik schoffel het gras weg, haal modder tussen het grind weg zodat het water weg kan lopen, maak de goot schoon, hark het grind.

Kapotte telefoon

Ik maak twee flinke emmers sop van soda en vloeibare zeep en schrob de spijltje van het hekwerk schoon. Als de telefoon op mijn rug ineens rinkelt, schrik ik ongelooflijk. Met natte handen grijp ik naar het apparaat. Het glibbert uit mijn hand. Ja hoor, precies in de emmer met sop. Het gerinkel gaat over in gepruttel en stopt definitief. Ik vis de telefoon uit de emmer en schudt hard. De spetters vliegen om me heen. Het apparaat geeft nog een laatste pruttelgeluid en valt stil. Ik leg het te drogen en ga verder met soppen. Na twee uur kom ik uit mijn kromme sopstand. De spijltjes blinken me tegemoet. Sneeuwwit. Ik tel. Achttien spijltjes zijn gedaan. Ik overzie het resterende hekwerk. Ik tel weer. Nog 76 spijltjes te gaan. Ik vermenigvuldig. Nog zo’n 10 uur werk. Dat lukt niet meer op deze eerste lenteachtige dag. Het stuk hekwerk dat ik gedaan heb, is enorm opgeknapt van het bad. Dat kan ik van de telefoon niet zeggen. Die ligt nog steeds stil in het grind.

Bookmark and Share

Laat commentaar achter

 

 

 

U kunt gebruik maken van these HTML tags

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>